![]() JonaWat is de plaats waar u het liefst zou willen zijn? Dicht bij de troon van God? Voor het aangezicht des Heren? Dicht bij God lijkt mij een fantastische plaats: zegen, bevestiging, liefde, bescherming. Dat is de plaats waar Jona was. Maar de confrontatie met Gods opdracht voor zijn leven zette hem op de weg van Tarsis. Jona is niet geestelijk doof of onverschillig. Gods Woord raakt hem op een pijnlijk punt: zijn gebrek aan liefde voor de mensen van Nineve en de genade van God voor hen. Op een dergelijk punt probeert Satan ons altijd te doen struikelen. Heel dicht bij de Vader, na veertig dagen vasten, probeert hij het ook met Jezus: ‘Hebt U geen honger? Zou U niet bewijzen dat U Gods Zoon bent? Is macht over de koninkrijken niet interessant?' Jezus laat zich niet inpakken voor een onfortuinlijk reisje naar Tarsis. Zijn hart is bij de Woorden van God: ‘Hebt gij niet gelezen!' (Mattheüs. 4 vers 1 tot 11). Jona had kunnen weten dat hij aan God niet kon ontsnappen. Psalm 139 is duidelijk: overal waar u gaat is God. U kunt proberen Hem niet recht in de ogen te kijken, weg van de confrontatie met wat in uw hart leeft, denkend dat onafhankelijk zelfbestuur mogelijk is. Maar Hij is altijd bij u en op een dag komt de storm en schudt Hij aan de boot. Vluchten van Gods aanwezigheid is onmogelijk. Jona was een profeet. Hij kende God. God zette hem in. Jona stond in dienst van God. Zo zijn ook wij: geroepen, dienstbaar, ingezet. Maar op een bepaald moment kan die bediening een verzoeking worden voor iets diep in ons eigen hart. Wij willen God dienen, maar dan op een plek die wij zelf hebben uitgekozen. In Tarsis kunt u een religieuze carrière hebben, zonder God en zonder confrontatie met uzelf, zonder de dagelijks routine van de herder die zijn schapen weidt, voedsel zoekt, water geeft, de stal uitmest en doodmoe in slaap valt om de volgende dag precies hetzelfde te doen. Bediening is fantastisch, maar de plaats waar wij ze doen is dat niet. Het is temidden van de zonde van mensen, en in worsteling met die van ons. Wat een bemoediging en een troost dat ondanks Jona's hartsgesteldheid zeelieden en mensen in Nineve tot geloof komen! Vrucht op de bediening is geen bewijs dat het goed zit met de man, maar altijd een bewijs van genade van God, die op het einde van het boek Jona zegt: ‘Zou ik niet sparen?' Dit artikel is met toestemming overgenomen uit: Jef De Vriese, Tijdschrift, Magazine voor Pastoraat, Gezin en Gemeenteopbouw, jaargang 14, nr. 61, van het CPC. Kijk voor meer informatie over het CPC op http://www.pastoralecounseling.org/. |
Meer informatie |
|
Ervaringsverhalen |
Aanbevolen: |
|
€14,95 |
|
| In 12 Stappen Op Weg Naar Nieuw Leven De Bijbel spreekt over 'gebroken mensen' en over 'gebroken relaties', die genezen worden door de liefdevolle Hand van God. 'In twaalf stappen naar...... |
|







