Beleid onder invloed - Evert Dekker
Wat is de meest (kosten)effectieve aanpak bij alcoholpreventie? Hier gaat het boek ‘Beleid onder invloed', uitgegeven door de Stichting Alcoholpreventie (STAP), op in. Het boek werd in oktober vorig jaar aangeboden aan toen nog fractievoorzitter van de ChristenUnie, nu minister van Jeugd en Gezin, André Rouvoet. Dat was niet zomaar. Het verkiezingsprogramma van de ChristenUnie bleek het meest duidelijke van alle verkiezingsprogramma's wat betreft het nemen van effectieve maatregelen tegen overmatig drinken. STAP werd in 1994 opgericht met als uitdrukkelijk doel om de gevolgen van overmatig alcoholgebruik in onze samenleving terug te dringen. Dit geldt zeker waar het gaat om alcoholgebruik door jongeren. STAP wordt niet erg gewaardeerd in de wereld van de alcoholindustrie en door bijvoorbeeld de organisatie STIVA, de Stichting Verantwoord Alcoholgebruik, vanwege zijn ‘strenge' houding ten aanzien van alcohol. Het door STAP uitgegeven boek over het alcoholbeleid sluit naadloos aan bij hun hierboven genoemde preventieve doelstelling. Het boek is, zo schrijven de auteurs in hoofdstuk 1, een samenvattend overzicht van alcoholbeleid als zodanig. Het boek bevat de neerslag van datgene wat vandaag bekend is over de stof alcohol, de gevolgen van het (overmatig) drinken van alcohol, hoe vaak dit voorkomt en welke maatregelen (met name van de overheid) om overmatig alcoholgebruik in te dammen wel en niet werken. Dat is hoognodig, want de alleen al de economische schade door alcohol wordt voor Nederland geschat op 2,5 miljard euro per jaar! In de vorming van beleid kan onderscheid worden gemaakt in doelgroepen: de algemene bevolking, de groepen die een verhoogd risico hebben (bijvoorbeeld zwangere vrouwen en jongeren) en de groep zware drinkers en probleemdrinkers. Te kiezen instrumenten dienen afgestemd te zijn op de betreffende doelgroep. Het boek noemt globaal zes instrumenten: het prijs/ accijnsbeleid, beschikbaarheidsbeperking, voorlichting en educatie, beperking of een verbod op reclame, verkeersveiligheid en secundaire preventie of vroegtijdige herkenning van risicovol alcoholgebruik. Niet alle instrumenten hebben een even groot effect. Maar met name het prijs/accijnsbeleid en de beschikbaarheidsbeperkingen zijn veelbelovend. In het zesde hoofdstuk worden handvatten aangereikt voor het formuleren van een lokaal alcoholbeleid. Op het niveau van de gemeente kan namelijk veel slagvaardiger worden gehandeld, als de gemeente maar gebruik wil maken van de haar ter beschikking staande handhavingsinstrumenten. Het komt uiteindelijk neer op de visie die een gemeente heeft. ‘Beleid onder invloed' gaat verder nog in op de relatie tussen de Europese Unie en het Nederlands alcoholbeleid. Hoofdstuk 8 beschrijft de verschillende factoren op het gebied van alcoholbeleid (overheid, parlement, alcoholbranche, media, preventie- en wetenschappelijke instituten). In het laatste hoofdstuk pleiten de auteurs voor een sterke alcoholpreventielobby en formuleren ze twee nogal ambitieuze kerndoelstellingen: 1.verminderingbinnen vijf jaar van het aantal probleemdrinkers met één procent; 2. halvering van het aantal probleemdrinkers onder jongeren en het alcoholgebruik onder jongeren onder zestien jaar terugbrengen naar nul. Ambitieus inderdaad. Maar op grond van wat eerder in het boek naar voren is gebracht zeker niet onhaalbaar. FK N.a.v. Evert Dekker (red.) Beleid onder invloed; alcoholpreventiebeleid in Nederland, STAP (Stichting Alcoholpreventie), Utrecht 2006, ISBN 90 902 0663 9, prijs: 35,00 euro
|